Over communicatie en overtuigingen

De man gaat in het midden van de bak staan, kijkt naar het paard dat aan de rand staat en vervolgens wat om zich heen. Ik zie de onrust in zijn blik en houding ontstaan, steeds meer en meer. Dan vraag ik hem wat er gebeurt. “Het paard staat daar wel lekker, hij heeft geen zin om bij mij te komen….” Het paard draait nog iets bij waardoor zijn hoofd over de rand van de bak hangt en hij met zijn kont naar de man gedraaid staat. “Oh, kijk, hij moet me echt niet.” is de reactie van de man. Wat zou je willen? Vraag ik hem. “Ik zou willen dat het paard naar me toe komt zodat we kennis kunnen maken” antwoordt hij. Resoluut draait het paard zich om en loopt op hem af. Zacht besnuffelt hij zijn handen…. “Ongelofelijk” mompelt hij.


Na een tijdje nodig ik hem uit om met het paard in beweging te komen. Hij aait het paard, loopt er wat om heen en moedigt hem een beetje aan om te gaan lopen. “Daar heeft hij geen zin in hoor.” Stelt de man na een tijdje vast. Waar wil je naartoe lopen met het paard? Vraag ik hem. “Naar dat paaltje daar” en hij wijst die kant uit en zet een paar stappen. Het paard zet direct ook 2 stappen. “Ongelofelijk” mompelt de man weer en hij loopt verder naar het paaltje, met het paard achter zich aan.


Dan komt hij de ring uit en gaat zitten. “Duidelijker kan niet.” zegt hij.