Oog in oog met een paard

Ontmoet je jezelf

....jij in je essentie

Ontdek de kracht

van ieder

MENS

Om inspirerende

TEAMS

te ontwikkelen

Vanuit bezield en natuurlijk

LEIDERSCHAP

Maak contact met het paard en kom samen in beweging, is de opdracht die ik aan elk teamlid geef in een training ‘beïnvloeden en overtuigen’. Een dame heeft tot het laatst gewacht, maar nu is het toch echt haar tijd om de ring in te gaan. Vertwijfeld stapt ze naar het draad, maar zodra ze eronder door gestapt is verandert er iets. Een vloeiend samenspel komt op gang. Alles klopt: er is respect, er is vertrouwen en er is contact. Elk initiatief dat zij neemt wordt gewillig door het paard opgevolgd en beide hebben er zichtbaar plezier in. Net als haar collega’s zit ik te genieten van dit aangezicht.

Dan loopt ze terug naar ons met een vragende blik, “en nu?” vraagt ze. Haar collega’s overladen haar met complimenten. De teamleider licht toe dat hij dit altijd al in haar gezien heeft en in haar zijn opvolger ziet. “Hopelijk realiseert ze zich nu wat een talent ze heeft” zegt hij. Terwijl de complimenten haar om de oren vliegen zie ik haar gezichtsuitdrukking veranderen. Het lijkt belast, beschaamd, pijnlijk. Het paard reageert ook en neemt een positie in recht voor haar, zo dat hij haar afschermt voor de groep. Zij staat aan zijn schouder aan de andere kant. Ze lijken allebei kleiner en kleiner te worden en er is weinig over van de stralende en positieve flow van zojuist. Wat gebeurt er met je? vraag ik haar. “Ik weet het niet”, antwoordt ze, “ik voel me ontzettend ongemakkelijk. Ik weet wel dat ik sommige dingen kan, maar wat ik daarmee moet weet ik niet”

Het paard neemt haar mee op grotere afstand van de groep en ik loop een stukje mee. Ik vraag haar toestemming om een persoonlijke vraag te stellen op deze afstand en dat is oké. Wie in je familie heeft niet succesvol kunnen zijn? vraag ik. Ze kijkt me eerst vragend aan, maar dan schiet haar iets te binnen en ze vertelt over haar moeder en haar oma die beide niet naar school hebben gemogen en zich aan het huishouden en een groot gezin hebben moeten wijden.

Ik vraag haar om haar ogen te sluiten en haar moeder en oma voor haar te zien en in de ogen te kijken. Stel dat je je talent aan hen laat zien en hen vertelt dat je hiermee een mooie carrière tegemoet gaat. “Ik voel me dan ontzettend schuldig, wat gek, ik heb me dit nooit gerealiseerd” zegt ze. Oke, en stel je dan nu eens voor dat jij je moeder bent, of je oma en die kijkt naar haar dochter of kleindochter. Hoe zou het voor moeder en oma zijn als zij wél de kans krijgt om succesvol te worden. Het duurt even. “Ik denk dat ik ontzettend trots en blij zou zijn”. Mooi. Haar uitdrukking in haar gezicht staat op ergens tussen ongeloof en opluchting en ik hoor het paard smakken: een teken van ontspanning en ontlading. Als je dan weer jezelf bent en je kijkt naar je moeder en oma, zeg hen dan: “Kijk alsjeblieft mild naar mij als ik mijn succes pak.” Nadat ze die zin heeft uitgesproken slaakt ze een hele diepe zucht en het paard loopt weg. We sluiten af en ik laat aan haar wat ze teruggeeft aan de groep over dit laatste stukje.

Dit is wat ik doe met elke leidinggevende die ik tegenkom, zegt ze, als ik haar vraag hoe ze de worsteling met de shire van bijna 2 meter ervaart. “Hij mag dan groot zijn, ik bijt wel van me af hoor, net als al die zogenaamde leidinggevenden, ze denken dat ze heel wat zijn maar ze geven niet wat hun medewerkers nodig hebben en dat laat ik ze weten ook” voegt ze er nog aan toe. Vanaf de eerste seconde in de bak is het duwen en trekken geblazen. Wat opvalt is dat hij haar steeds naar de zijkant duwt, dan verovert zij haar plaats weer voor zijn neus duwt hem weg, hij komt terug en het begint opnieuw. Ik stel haar voor de beweging van het paard eens te volgen, bij wijze van experiment. Dat doet ze en terwijl ze plaatsneemt naast het paard wordt het meteen rustig. Het paard ontspant zijn hoofd en staat roerloos naast haar. Wat verlang je precies van je leidinggevende? vraag ik haar. “Ik verlang dat hij voor me zorgt en dat hij er altijd is als steun op de achtergrond.” Zeg dat eens tegen het paard, als hij staat voor je leidinggevende: “Ik verlang dat jij voor me zorgt en dat je er altijd bent als steun op de achtergrond.” Ze spreekt het uit. Dan laat ik haar voorstellen dat ik het label ‘leidinggevende’ van het paard afhaal en hem verwissel voor haar vader. Tegen wie dient jouw zin werkelijk uitgesproken te worden? vraag ik haar.

De ontroering in haar blik verraadt het antwoord en het paard smakt de spanning weg, voor even…. Dan verschijnt haar harde blik opnieuw en ze zegt: “dat heb ik allang afgesloten.” De strijd waarmee de sessie begon laait direct weer op. Alleen nu weten we met wie ze werkelijk vecht. Ik moedig haar aan om alles eruit te gooien, al haar boosheid te uiten zo lang als nodig. Dan volgen de tranen. Het paard begint te lopen en ze loopt mee met haar hand op zijn zij. “Hij was er nooit, ik heb dat nooit van hem gekregen.” zegt ze……

Stilte…..
en dat kan niemand ongedaan maken, zeg ik, ook geen leidinggevende. Er volgt een diepe zucht en ze besluit met de woorden: “dat klopt”. Het paard staat inmiddels achter haar met zijn neus begraven in haar hals. Aan de kant zijn we getuige van wat mogelijk wordt in het heden, als je er niet langer naar zoekt in het verleden.

# Scheiding werk/prive is niet zo makkelijk als het lijkt. In het verborgene werkt onze familieachtergrond op vele manieren door in ons werk. Dubbelbeeld komt veel voor, je verwart dan een persoon op werk met iemand uit je familiesysteem. De familiegeschiedenis glijdt dan als een transparant tussen jou en de werksituatie. Het kan dus zijn dat iemand naar zijn baas kijkt, maar in plaats van zijn baas zijn vader ziet. Totaal onbewust. De lichaamstaal verraadt vaak dit dubbelbeeld, je ziet in de lichaamshouding geen twee volwassenen tegenover elkaar, maar een kind tegenover een ouder. Bewustwording helpt om de baas weer als baas te zien

De man gaat in het midden van de bak staan, kijkt naar het paard dat aan de rand staat en vervolgens wat om zich heen. Ik zie de onrust in zijn blik en houding ontstaan, steeds meer en meer. Dan vraag ik hem wat er gebeurt. “Het paard staat daar wel lekker, hij heeft geen zin om bij mij te komen….” Het paard draait nog iets bij waardoor zijn hoofd over de rand van de bak hangt en hij met zijn kont naar de man gedraaid staat. “Oh, kijk, hij moet me echt niet.” is de reactie van de man. Wat zou je willen? Vraag ik hem. “Ik zou willen dat het paard naar me toe komt zodat we kennis kunnen maken” antwoordt hij. Resoluut draait het paard zich om en loopt op hem af. Zacht besnuffelt hij zijn handen…. “Ongelofelijk” mompelt hij.


Na een tijdje nodig ik hem uit om met het paard in beweging te komen. Hij aait het paard, loopt er wat om heen en moedigt hem een beetje aan om te gaan lopen. “Daar heeft hij geen zin in hoor.” Stelt de man na een tijdje vast. Waar wil je naartoe lopen met het paard? Vraag ik hem. “Naar dat paaltje daar” en hij wijst die kant uit en zet een paar stappen. Het paard zet direct ook 2 stappen. “Ongelofelijk” mompelt de man weer en hij loopt verder naar het paaltje, met het paard achter zich aan.


Dan komt hij de ring uit en gaat zitten. “Duidelijker kan niet.” zegt hij.

Al tijdens de inleiding begint de pony afstand te nemen van de groep, keert ons de rug toe en lijkt zich in geen enkel opzicht met de groep te verbinden. “Ik sta op afstand”, “Het liefste zou ik vertrekken” komt in me op. Ik vraag de groep wat hier mogelijk de betekenis van is. De deelnemers herkennen de afstand, het is best spannend als de reflectie ‘dichtbij’ komt. Maar ook op deze erkenning van spanning reageert de pony niet.

Tijdens de individuele sessies reageert de pony wel en gaat met de persoonlijke thema’s aan de slag. Maar daarna neemt hij direct zijn plek weer in op grote afstand. Tijdens 1 persoonlijke sessie lijken we er niet uit te komen. De deelnemer zegt zich niet te herkennen in dat wat gebeurt. Op de achtergrond trekt een paard de aandacht die in een stal staat die grenst aan de binnenbak. Het paard wurmt zijn hoofd door de kleine ruimte tussen de muur en het plafond en bijt obsessief aan de rand. Wat doet het met je als je dat ziet? vraag ik. Geen herkenning. “Ik wil eruit en ik onderdruk mijn gevoel” geef ik als optie aan de deelnemer. Ook geen herkenning. De pony in de ring vergroot en verkleint zich de hele tijd, alsof het niet kan kiezen. Soms lijkt hij klaar om te vluchten, maar blijft dan toch. Het blijft vaag voor de deelnemer.

We sluiten de sessie af en in de pauze wissel ik de pony. Zodra we weer beginnen doet de nieuwe pony precies hetzelfde. De resterende persoonlijke sessies verlopen weer prima maar tussentijds is er weer die afstand. Aan het einde stel ik de groep voor om als ‘kudde’ de bak in te gaan. Dan ineens breekt het de deelnemer, waarmee we er niet uitkwamen, op. “Ik kan dit niet, ik voel me helemaal niet thuis in deze groep, ik kan mezelf niet zijn, ik heb het heel lang voor me gehouden en me aangepast, maar ik kan dit niet meer.” De pony komt direct los van zijn plek achterin de bak en loopt op de groep af. Terwijl de dame haar verhaal doet begint het paard te rollen en te proesten. “Tja, ik kon het lang verbergen maar die paarden trappen er niet in, nu houd ik het niet meer voor me”. Dan komt het tot rust met zijn neus bijna op schoot van de deelnemers. Eindelijk is dat gezegd wat gezegd moest worden en nu komt de hele groep los.

# Niets is zo aanwezig als dat wat er niet mag zijn. Paarden lijken zich daar direct mee te verbinden en brengen het in beeld.

Drie ringen, drie coaches en drie paarden voor een leiderschapstraining voor 21 managers en directeuren van een grote verzekeraar. De deelnemers reflecteerden aan de hand van de feedback van het paard op hun rol als leidinggevende.


Een van de vragen was: hoe kan ik in plaats van inhoudelijke trekker van projecten wat meer op afstand gaan sturen? In eerste instantie stond het paard in het midden en liep de deelnemer rondjes om het paard. Toen de onderliggende overtuiging ‘ ik ben een goede manager als ik harder werk dan de ander’ bespreekbaar werd wist hij de rollen om te draaien. Toen hij in het midden stond en het paard op de volte liep kwam hij erachter hoe hij tijd kan vinden om zich bijvoorbeeld met de kaders van zijn afdeling bezig te houden terwijl zijn team aan de slag is. Eenmaal op die plek bleek hij mooi te kunnen schakelen tussen sturen en loslaten. Met een trotse glimlach voegde hij zich weer bij de groep en kreeg hij complimenten van zijn collega’s.

Geen beweging in te krijgen, concludeert een manager tussen zijn verwoede pogingen om het paard in beweging te krijgen door. De zachte blik van de merrie verandert naarmate de tijd vordert. Haar oren gaan naar achteren, ze begint te stampen met haar achterbenen en haar staart begint te zwiepen. De manager loopt nog steeds van achter naar voor en terug. Het lijkt voor het paard totaal onduidelijk te zijn wat de man wil en ze begint hem nu zelfs te bijten. Ik stel voor dat we even reflecteren voordat we verder gaan. Een van de teamleden aan de kant vraagt of ze iets mag delen. “Ik voel me precies dat paard, zo boos kan ik ook worden. Neem nu eens een beslissing! Waar sta je? en wees duidelijk wat er van ons verwacht wordt!” Na een korte stilte vertelt de manager dat hij is aangenomen om ‘van achter uit’ leiding te geven, maar dat hij zijn hele leven voorop gelopen heeft. Hij weet niet goed hoe zijn plek in te nemen. Terug in de bak loopt hij voor het paard uit en het paard volgt hem ontspannen. Zie je?!

Resultaat: Even spannend, maar fijn om een open gesprek te hebben over onuitgesproken irritaties, verwachtingen en opdrachten en meer begrip voor het ‘waarom’. We weten waar we het over moeten gaan hebben.

Ze heeft tot het laatst gewacht, haar 6 collega’s zijn al aan de beurt geweest en met een gespannen gezicht komt ze naast me staan. Wil je iets zeggen over hoe je je voelt? vraag ik haar. Ze antwoordt: “Ja, ik ben vreselijk gespannen en dat is ook precies waar mijn vraag over gaat.  Nu vind ik dit spannend, maar dat is in relatief veel situaties zo en dan merk ik dat ik vlucht. Ik denk dat ik mijn leiderschap kan versterken door in spannende situaties dicht bij mezelf te blijven. Die feedback heb ik ook al heel vaak gekregen. Ik zou me graag sterker willen voelen.”

Ze laat wat in het midden waar haar spanning op dit moment door veroorzaakt wordt. Ze is in ieder geval niet bang voor de pony waarmee we werken en mijn vermoeden is dat het toeziend oog van haar (alleen maar) mannelijke collega’s en de prestatiecultuur van hun organisatie hierbij meer een rol speelt.

Stel dat je nu heel dichtbij jezelf zou zijn en je sterk zou voelen, waar in je lichaam zou je dat aan herkennen of voelen? vraag ik haar. Ze sluit haar ogen en ze legt haar handen op haar onderbuik. Na een tijdje merk ik dat ze rustiger wordt en laat ik haar de bak in gaan. Ik geef haar de opdracht om contact te maken met de pony en te experimenteren met ruimte en positie met als doel dichtbij zichzelf en dat sterke gevoel te blijven.

De dame gaat onder het draad door en loopt op de pony af achterin de bak. Ze aait hem vol overgave, praat onverstaanbaar honderduit in zijn oor en buigt zich steeds verder naar hem toe. De mannen aan de kant hebben de smaak van het paardencoachen aardig te pakken door de eerdere sessies en vragen zich hardop af in hoeverre zij op dit moment bij zichzelf blijft. Ik heb precies dezelfde vraag en net als ik haar die wil stellen neemt zij initiatief om het paard in beweging te krijgen. Ook hierin toont ze dezelfde overgave en toewijding en haalt heel wat uit de kast om het paard mee te lokken. Net als in het contactmoment vertoont het paard geen enkele reactie en staat slechts met zijn oren naar achter gedraaid roerloos stil. Tot hij ineens in beweging komt. Met een pittig tempo loopt hij met zijn oren in zijn nek langs de rand een rondje door de bak. Zij beent hem met haastige stappen achterna en weet hem net voor te blijven. Als ze ons passeren stopt ze, en het paard loopt door naar achteren, terug naar de plek waar zij eerder gestaan hadden. Hoopvol kijkt ze me aan.

Wil je voor ons ondertitelen wat je hebt ervaren? vraag ik haar. “Ja het is me gelukt om, net als mijn collega’s op de leiderschapspositie aan de voorkant te staan.” vat ze haar ervaring samen. Ze glimlacht en maakt zich snel op om de bak uit te komen. De mannen aan de kant hoor ik mompelen en ik voel een pijnlijk moment aankomen. Maakt het haar sterker of zwakker als ik nu de feedback ronde begin? bedenk ik me bij mezelf en ik besluit haar te vragen in de bak te blijven. Wat was ook alweer je wens toen je de bak in ging? Hoe wilde je je voelen? “Sterk” antwoordt ze. En je zei nog iets? vraag ik. “Ja, dichtbij mezelf”. Sta je open voor een experiment? vraag ik en ze stemt in. Ga eens midden in de bak staan, sluit je ogen en ga terug naar het gevoel in je onderbuik waar je je dichtbij jezelf en sterk voelde. Ze sluit haar ogen en legt haar handen op haar buik en met zichtbaar dezelfde overgave als de eerdere inspanningen naar de pony zien we haar nu de aandacht naar binnen richten. Ze ademt een keer diep in en in een fractie van een seconde draait de pony zich naar haar toe en komt van achter uit de bak met zijn oren naar voren op haar afgelopen. Open je ogen eens, zeg ik haar. Hij komt voor haar staan en reikt met zijn neus naar haar buik en handen. Opnieuw glimlacht ze naar ons aan de kant, maar dit keer straalt ze. Kom de bak maar uit, zeg ik haar en terwijl ze naar de uitgang loopt volgt het paard haar op de voet. “Die laat jou niet meer gaan!” roept een van haar collega’s en ze krijgt verschillende complimenten over de uitvoering van het experiment.